Hot summerdays in Scotland (Schotland – September 2024)

Zondagse wandeling in typisch Schots weer

(zondag – 7,8km – 923m stijgen – 720m dalen)

Eva, André, Dries, Kristof, Peter en ikzelf zijn in Schotland voor een ervaringstocht van Hiking Advisor. Dat houdt in dat enkele deelnemers onder begeleiding ervaring kunnen opdoen in omstandigheden die wat buiten hun comfortzone liggen. Zo kunnen ze evolueren om zelfstandig op pad te gaan, ook in minder evidente omstandigheden. We overnachtten in de hostel van Crianlarich en parkeerden de wagens aan het Glencoe Mountain Resort. Op deze mooie Schotse zondag, waar wolken met regen klaarhangen om alles te lossen boven onze stipjes van lichamen, trekken we erop uit met z’n zes. Ik mag dit bonte gezelschap avonturiers begeleiden gedurende de hele week. Na het ontwijken van wat midges (kleine stekende vliegjes) trekken we met regenbroek en regenjas aan naar boven. We wandelen onder leiding van Eva over een boggy helling en zakken her en der in de turfgekleurde modder. Eens we op het plateau komen draaien we in Westelijke richting onder leiding van Kristof omhoog om zo de rotsige helling van de Meall a’ Bhùiridh te bewandelen. André neemt nu het voortouw. tot we aan de top komen… in de mist. Daar lunchen we kort met wat brood en kaas, wraps met salami, soldatenkoeken… Er staat ook een windje terwijl ook de eerste regendruppen onze jassen onderdompelen in hun koelte. Ik kan alvast even het terrein verkennen tijdens de lunch en vind vlot het padje dat ons over een zadel via Mam Coire Easain naar de flank van de Creise (1100m) zal brengen. Enkele anderen gaan ons voor op de rotsige flanken.

We stijgen rustig om dan bovenaan in de mist en regen ook de hevige wind te trotseren. Communiceren wordt wat moeilijk maar na enkele honderden meters richting Clach Leathad (1099m) neemt de wind ook weer wat af. Ik oriënteer op kompas om een looprichting (roughwalking) aan te houden en zo komen we in de steile afdaling van de subtop. Het wordt steiler en steiler dus veranderen we van richting om wat meer te zigzaggen en grashellingen op te zoeken voor de afdaling. Voor we aan de Bealach Fuar chathaidh komen trekt het wat open maar is er ook al een eerste licht gewonde. Kristofs linker knie is gevoelig en hij heeft soms wat steken bij het afdalen. Op het zadel is veel wind maar we pauzeren kort om wat te eten en water bij te tanken. We besluiten om onze tocht over de hoogte niet verder te zetten en af te dalen. De namiddag is goed gevorderd in tijd dus we gaan geen extra risico’s nemen. We dalen de vallei van de Coireach a’ Bà in doorheen de grassige flanken. Het is moeizaam afdalen en de pijn in Kristofs knie neemt toe. Gelukkig stopt het met regenen en vinden we op een vlakker stuk plekjes voor onze 2 grote tenten (Hilleberg Keron 4GT en een Hilleberg Nalo 4GT). We installeren in hevige wind nog even als een vlot op elkaar ingesteld team de tenten en na het installeren van de slaapmatjes en slaapzakken komt de zon plots tevoorschijn. Dat doet deugd, niet alleen om de nattigheid en kilte te doorbreken maar ook om Kristof wat comfort te bieden voor zijn knie. We kunnen genieten van het landschap rondom ons en spotten zelfs enkele herten die de vallei doorkruisen. Het is niet laat wanneer we in de tenten kruipen. Voldaan van een dag van typisch Schots weer en de eerste munro’s verdwijnen we naar dromenland.

(maandag – 9,73km – 155m stijgen – 250m dalen)

De ochtend start zonnig en warm. We lopen al snel in onze t-shirt om de tenten af te breken en dalen rustig af. We blijven wat op de flanken lopen zodat we overzicht op de rivier onder ons houden en kunnen kijken waar we zullen oversteken/doorwaden. Het blijkt makkelijker dan eerst gedacht. We vorderen op een zeer rustig tempo om Kristofs knie te sparen. Het wandelen gaat hem moeizaam omdat de pijn snel toeneemt. Een pijnstiller helpt maar we houden een rustig tempo aan voor de zekerheid. Er wordt gepraat, gelachen en her en der eens diep in het veen gestapt.

André tjaffelt vlotjes door alle vochtige plassen of beekjes met zijn hoge schoenen. Wij moeten iets meer opletten. We helpen elkaar en zien dan in de verte een kudde herten. Ze verplaatsen zich in een wijde boog rond ons. Eens het vlakker terrein is gaat het ook vlotter voor Kristof om te stappen. We vorderen vlot tot aan het bosje aan Bà Bridge en pauzeren op het pad langs de West Highland Way. De ene na de andere wandelaar/hiker passeert ons met een vriendelijke “hi ya” of simpele “hello”. We lunchen in het zonnetje en genieten van het uitzicht op Rannoch Moor, een uitgebreid geheel aan plassen en stroompjes die glinsteren in het zonlicht. De zomer is aangebroken in Schotland… André ligt te snoezen tegen zijn rugzak en na de pauze wandelen we vlot over de West Highland Way in Noordelijke richting naar onze wagens.

We rijden naar Kingshouse Hotel om er een kijkje te gaan nemen nu het verbouwd werd. De authenticiteit is verdwenen, platte commerce en luxe zijn gearriveerd in wat ooit als de ruwste vallei van de streek beschouwd werd. Toch genieten we op een bankje van een cola en trekken dan naar Fort William met de wagens. Het is een prachtige rit met op de achterbank regelmatig een “aaaah”, “oooh” en “prachtig gewoon” om de schoonheid onder woorden te brengen. We winkelen wat in Fort William (verse groentjes en enkele kiwi’s blijken essentieel!) en rijden vervolgens naar Glen Nevis Caravan & Camping Park. Deze toffe en goed uitgeruste camping geeft ons de mogelijkheden om ons voor te bereiden op onze trip rond en over de Ben Nevis. Terwijl zal Kristof een lokale dokter raadplegen en even op Skye rondtouren met de wagen. We vinden elkaar terug op donderdagmiddag nabij Fort William.

The ring of steel & Ben Nevis langs de niet zo toeristische route

(dinsdag – 14km – 1450m stijgen – 1100m dalen)

We rijden tot de eerste Glen Nevis parking. We wuiven Kristof goodbye wetende dat hij een prachtige rit zal beleven op Skye na zijn doktersbezoek in Fort William. Het prikt natuurlijk wel dat hij er niet bij kan zijn op de mooie dagen die voor ons liggen. Zowel het weer- als de padcondities zijn optimaal want droog en zonnig. We starten door lage begroeiing aan onze klim richting the Ring of Steel waarvan we een groot deel zullen afleggen. Het is nog wat bewolkt waardoor de vallei nog fris aanvoelt. We stijgen op een vlot tempo langs het beekje Alt Coire a Mhusgain omhoog tot we aan enkele zigzags komen. We pauzeren kort voor een dringende sanitaire stop en gaan weer verder na het aanvullen van wat energie. We stijgen zo tot op de col tussen Stob Ban (999m) en Sgurr an lubhair (1001m).

Dries gaat voorop en neemt ons op sleeptouw door de mist. Af en toe breken de wolken op en en plots is de zon volledig van de partij. De warmte omarmt ons terwijl er een zachte bries onze inspanningen koelt. We dalen wat om dan de Am Bodach (1032m) te beklouteren. Her en der wordt al eens een hand gebruikt. Na een zonnige pauze op de top dalen we af via een scramble op de steile noordelijke flank. Eva vindt het geweldig want dat ligt buiten de comfortzone. André vindt het wat steil maar dat kan ook tof zijn. “Alleen een beke uitkijken waar ge uw voeten zet hé.”

We gaan vervolgens ook nog over Stob Coire a’ Chàirn (981m) om daarna een foutje te begaan… In al mijn enthousiasme geeft ik aan dat we kunnen afdalen maar na ongeveer 190m dalen besef ik dat er iets niet klopt. Er zou een duidelijk pad moeten zijn maar dat is er niet. We hebben een afslag te vroeg genomen en hadden eigenlijk nog de An Gearanach over gemoeten… We besluiten de grasflank te volgen op eenzelfde hoogte maar dat blijkt vermoeiender dan initieel gedacht. Na een eerste heuveltje zien we een kudde herten… en even later nog een tweede. Prachtig gewoon… maar we zitten dan ook op een flank waar normaal nooit iemand komt… De existentiële vraag van Dries “heeft hier ooit iemand al voet gezet” wordt daarmee meteen ook beantwoord. We dalen en komen dan in moeilijker terrein, waardoor we weer moeten stijgen om een kloof te vermijden. En nog één… het wordt een lange afdaling over steil terrein.

Iedereen glijdt wel eens uit of valt eens op een moeilijker stukje. Gelukkig zonder veel ergs. Als we uiteindelijk het pad bereiken is de zon al snel aan het dalen. Het is een lange dag geweest als we beneden komen aan Steal Waterfalls. Er is nog vreugde en energie over blijkbaar… want we doen nog vlotjes een doorwading om dan in allerijl de tenten op te zetten op vlakke stukjes grasland. We zijn er wel niet alleen… de midges vergezellen ons bij het baden, het koken… het is een hel dus vluchten we de tenten in voor welverdiende rust na een zeer lange dag. We zijn 11u onderweg geweest. Ideaal zo’n inwandeldagje voor het beklimmen van de Ben Nevis ;).

(woensdag – 13km – 1350m stijgen – 980m dalen)

Het is opnieuw een mooie ochtend met opnieuw, oh ja, weer wat midges. We ontbijten vlotjes bij een startende zon en gaan snel op pad. Na een opwarming langs het Water of Nevis wordt het een lange klim langs het beekje Alt Coire Giubhsachan. Gelukkig zijn er regelmatig kleine plateau’s grasland waardoor het stijgen afgewisseld kan worden met wat recuperatie op vlakkere stukken. We zijn alleen in de vallei en opnieuw gaat het vlot. Dat was eigenlijk niet te verwachten na zo’n zware dag van gisteren maar iedereen heeft steeds goed gegeten en gedronken waardoor de spieren goed voorzien werden van energie om verzuring maximaal tegen te gaan. Het laatste stukje tot het zadel onder Aonach Mor op 830m gaat wat trager omdat de zon nu volop schijnt. We zitten er ook in de wind waardoor we besluiten te lunchen achter een muurtje. Schoenen gaan even uit, kaas en wraps komen te voorschijn. Rust en genieten van opnieuw een heel ander landschap dan de voorbije dagen.

Na de pauze gaat André voorop maar het is zoeken naar het pad. Niet altijd even duidelijk zichtbaar waardoor Eva of Peter regelmatig overnemen. Als ik Peter vraag naar zijn voeten of benen is het antwoord steeds “ja, gaat goed joh”. Soms heb ik mijn twijfels maar dat ligt mogelijks aan zijn stoïcijnse blik waarachter enthousiasme en een goedlachs karakter zich verschuilen. Eva huppelt vlijtig verder terwijl André her en der eens hijgt van de inspanning: “Den doktoor zegt dat ik nen hijger ben bij’t stijgen. Ge moet daar niet op letten zunne.” André blijkt een beest dat niet opgeeft en nooit moe lijkt te worden. Dries en ik hebben terwijl ook nog fijne conversaties over besturen bij KrisKras, opgroeiende kids en noem maar op. Zo gaat het traag maar gestaag naar Càrn Mor Dearg (1220m). We snacken er nog wat om dan de graad aan te vangen richting Ben Nevis (Carn Mor Dearg Arete).

Peter mag voorop. Huppelen is niet zijn sterkste kant maar hij gaat steeds gefocust aan de slag om het pad te zoeken tussen de rotsblokken. Een sterkte als geen ander. We dalen even samen met wat Schotten die spreken over “Summer has finally arrived in Scotland”. Ze laten ons achter op een blokkenterrein en wij verkiezen het paadje dat iets onder de graad ligt. Onze zware rugzakken zouden ons uit evenwicht kunnen brengen dus we spelen op zeker. Er is opluchting in de groep als we dat zo aanpakken. De helling naar de Ben Nevis ligt ook vol rotsen wat het stijgen stapgewijs makkelijk maar fysiek zwaar maakt.

We komen op de Ben Nevis (1345m) en beleven een anticlimax. Zo’n rotsige vlakte met zoveel afval… en toeristen in bloot bovenlijf, zingend en dansend op de top. Soit, het is maar een momentopname. We pauzeren: pompelmoes wordt gesneden, het thuisfront wordt gebeld, foto’s en filmpjes worden volop gemaakt… en dan zijn we klaar om af te dalen langs een saai rotsig pad. We dalen af tot aan het meer Lochan Meall an t-Suidhe. Aan de noordelijke zijde vinden André en ik droge plekjes in de wind waardoor we amper last hebben van midges. Opnieuw was het een lange dag maar iedereen heeft dat vlot en goed gedaan. Tevreden blikken we terug op een prachtige beklimming en ervaring rijker.

(donderdag – 6,5km, 530m dalen)

Het is een prachtige ochtend. We slapen wat uit en ruimen rustig de tenten op. André en Eva zijn het snelst uit de tent. Dries en ik ietsje later. Peter nog wat later ;). We gaan voor een wandeling doorheen het landschap zodat we het stenige trappenpad voor de toeristen kunnen mijden. We dalen af via de N kant richting de bossen van The Great Glen.

We vinden her en der een spoor van een paadje en volgen de beekjes naar beneden. Soms wat nAllt a Mhuillin, een breder beekje dat we vlotjes oversteken. Opnieuw onder leiding van André. We zitten nu op een wandelpad en volgen het al slingerend naar beneden. Waar we kunnen kiezen we voor de kleine single tracks maar her en der worden we geboycot omdat de paden niet meer beschikbaar zijn zoals op de kaart. We komen uiteindelijk naar beneden ter hoogte van Nevis Distillery. Net voor we er arriveren valt André nog achterover… is het de geur van Whisky of was het de rugzak… we’ll never know… Aan het tankstation aan de overzijde van de weg staat Kristof ons op te wachten met snackjes en gekoelde drankjes. Wat een verwennerij! We krijgen een lift van Kristof naar de camping en de andere wagen. Terwijl ik incheck op de camping pikt Kristof de anderen nog even op. We genieten van een rustige namiddag op de camping, bereiden onze rugzakken voor op een volgende lus en gaan ’s avonds lekker uit eten op de camping. En wat een verrassing… met mooie woorden wordt er dank uitgesproken voor de begeleiding. Afsluiten doen ze met het overhandigen van een fles Coal Ila, een geturfde whisky die ik zeker kan smaken! Ze hebben een goede bron geraadpleegd om zeker te zijn. Wat een toppers!

Samen uit, samen thuis vanuit Bridge of Orchy

(vrijdag – 12km – 1130m stijgen – 950m dalen)

Omdat Kristof zijn knie blijkbaar goed functioneert zolang hij die niet moet opheffen werk ik samen met hem en de groep een route-alternatief uit waarmee we elkaar ’s avonds makkelijk kunnen treffen in de natuur terwijl hij vlak en wij bergop-bergaf kunnen wandelen. De vertrekken samen aan de parking in Bridge of Orchy, kruisen de spoorweg waarna onze wegen scheiden. Kristof gaat verder over het vlakke pad van de West Highland Way en zal een karrenspoor langs de Allt Kinglass volgen. We spreken af in een vlakte onder Beinn a’ Chuirn rond 17u. We gaan met een warm zonnetje op pad. Je zou bijna vergeten dat het Schotland is… Wij stijgen meteen tegen de hoogtelijnen aan een strak tempo. André en Eva trekken het tempo op terwijl Peter, Dries en ik rustig achteraan bengelen. We komen in de schaduw van de Beinn Dorain en dan gaat het plots wat makkelijker. We staan vlot op de col tussen Beinn an Dothaidh en Beinn Dorain. Er is wel wat wind waardoor we lunchen achter een groter rotsblok. We slaan een man gade die rotsen verkent voor een ons onbekend doel. Jong is hij niet, avontuurlijk duidelijk wél! Omdat we de voorbije dagen al goed wat hoogtemeters gewreten hebben kiezen we ervoor om na de lunch onze rugzakken achter te laten en het pad omhoog te volgen naar de Beinn Dorain (1076m).

Een mooi paadje slingert voor meer dan 2km omhoog tot we een 360° view krijgen op de omgeving. Een stevige wind maakt dat we toch niet al te lang blijven staan. We volgen nu het pad over de subtoppen naar beneden. Aan de rugzakken gekomen eten we nog wat en gaan we afdalen door het landschap zonder pad. We volgen nu de beek Allt Coire a’ Chabhalach. We zien weer hertensporen maar even later ook wat schapen. In de verte worden nog wat extra schapen gelost door een boer en rustig dalen we zo af op de flank van Beinn an Dothaidh. We pauzeren al liggend in het gras en vullen onze watervoorraad bij aan een dam waar het water van de beek in een pijpleiding verdwijnt.

Nu gaat het vlot over een karrenspoor en plots ligt Kristof daar op een heuveltje te rusten. Hij is er nog maar 15min. want heeft rustig gewandeld en genoten van een bad in de rivier en het uitzicht in de vallei op de munro’s rondom. Hij was ook zo vriendelijk om alvast enkele spots te zoeken voor de tenten dus die staan in geen tijd recht. Na het diner met zakjesvoeding laat ik muffins en whisky rondgaan… een afsluitende avond mag wat meer zijn, toch?

(zaterdag – 11km – 160m dalen)

Het is een frisse ochtend met toch nog wat condens op de tent. De wind heeft gelukkig de tent al wat droger geblazen dan de eerdere nacht op de camping. De tent woog toen minstens 2kg zwaarder door het vocht op het zeil. André en ik voelden dat aan onze rugzak in de bergop. We ontbijten met een laatste zicht op de heuvels rond ons en gaan mooi op tijd op pad. We volgen het pad dat Kristof gisteren al verkend heeft: via de rivier door de vallei passeren we een schapenschuur en komen zo aan het treinviaduct aan Allt Kinglass. We pikken niet veel verder, na een prachtige nieuwe boerderij, de West Highland Way en zijn toeristen op. De volgende kilometers lopen we over een goed karrenspoor maar het verveelt snel. Eva moet niets hebben van die brede paden. “Geef mij maar single tracks” rolt er vlotjes blazend over de lippen. De laatste snoep en snacks worden uitgedeeld in de hoop ze niet terug mee naar huis te moeten nemen. We komen aan de pub in Bridge of Orchy en genieten er in een warm zonnetje van een afsluitende koffie. We overlopen de Gotcha die Dries had laten voorbereiden. We lachen bij de moeilijke opdrachten. Fijne woorden worden uitgesproken, een knuffel hier en daar op de parking en voor we het weten rijden we door het Schotse landschap in de richting van België.

Praktische info

Kaartenmateriaal

Wij liepen op de OS Explorer-kaarten van 1:25.000 van Ordnance Survey met nr’s 377 (Loch Etive & Glen Orchy), OL39 (Loch Lomond North), 392 (Ben Nevis & Fort William) en 384 (Glen Coe & Glen Etive). De kaarten zijn duidelijk en de belangrijkste paden waaronder de West Highland Way staan erop. Er is geen markering m.u.v. de West Highland Way die aangeduid wordt met simpele paaltjes. Door het landschap liepen we op kompas of met de gps. Kunnen navigeren is een must want zonder gps of kompas is er geen beginnen aan bij mist of slechtere weersomstandigheden. Tredzekerheid en lef om terug te keren, de tocht af te breken is noodzakelijk. De routes zijn niet makkelijk en zelfs uitzonderlijk moeilijk bij mindere weersomstandigheden. Bovendien is een goede conditie vereist.

Overnachten

Overnachten kan je langs de West Highland Way en in de regio op campings, in bunkhouses, hostels, B&B-formule of op hotel. Je kan in Schotland ook wild bivakkeren tenzij het niet toegestaan is in een specifiek deel langs de route. Wij hadden steeds diverse opties om te bivakkeren. Meer info over overnachten kan je hier makkelijk vinden, op maat van je ambitie, budget en ervaring. Wil je kamperen, denk eraan om een stevige tent te voorzien als je hogerop bivakkeert. De wind en regen maken het noodzakelijk om een 4 à 5-seizoenstent met voortent te verkiezen boven lichtere en kleinere modellen. De midges maken dat bivakkeren niet altijd aangenaam is.

Bevoorrading

Bevoorraden kan je in de diverse dorpjes in de buurt of in Fort William. Net naast het treinstation is er een grote supermarkt. In Crianlarich en Tyndrum zijn er ook supermarktjes, welliswaar met een beperkter aanbod maar vaak wel op maat van hikers.

Bereikbaarheid

Je kan de regio makkelijk bereiken via de trein (Londen naar Glasgow, Glasgow naar Fort William of de stationnetjes ervoor), de wagen (via Duinkerke-Dover (ferry van 2u) of via Ijmuiden-Hull (nachtboot). Vliegen op Edinborough en ter plekke de Citylinkbussen benutten is ook een mogelijkheid. Wij kozen voor de wagen omdat het ons flexibiliteit gaf om diverse uitdagingen vlot te combineren naar gelang het weer, de fysieke conditie en de ambities die we voorop wilden stellen.

Overzicht van de Munro’s (in volgorde van beklimmen)

Meall a’ Bhùiridh (1108m, plaats 45 op de munrolist)

Clach Leathad (1099m, net onder de Creise, plaats 50 op de munrolist)

Am Bodach (1032, plaats 99 op de munrolist)

Stob Coire a’ Chàirn (981m, plaats 171 op de munrolist)

Càrn Mor Dearg (1220m, plaats 9 op de munrolist)

Ben Nevis (1345m, plaats 1 op de munrolist)

Beinn Dorain (1076m, plaats 64 op de munrolist)

Plaats een reactie