Voor Hiking Advisor vzw, de bergsportclub waarin ik actief mag zijn, mocht ik de “opleiding tot zelfstandig bergwandelaar” geven aan een toffe groep van 7 deelnemers. Ze hebben elk al een eerste module gevolgd waarin vooral veel praktijkgerichte theoretische concepten toegelicht werden (hoe kies ik een tocht of route, hoe maak ik een marsplan, hoe stel ik mijn voedingspakket samen…) en zijn ook mee geweest op een tweede module waarin we reeds heel wat in een praktijkweekend uitprobeerden in de Ardennen (staptechnieken, bivakeren, touwtechnieken, kaart en kompas..).
Normaliter zouden we in Chamrousse, nabij Grénoble, starten met 7 deelnemers maar Emma moest omwille van een beenbreuk (buiten de opleiding) helaas forfait geven. De overige deelnemers – Sofie, Luc, Nick, Matti, Gert en Thibaut – arriveren mooi op tijd in het bergdorpje. Als Nick en ik arriveren zitten de anderen nog gezellig te lunchen… met een Karmeliet dabei… Het belooft, een bende Bourgondiërs mee op stap nemen… dat zal wat geven.
Bij zo’n opleiding horen de nodige voorbereidingen en checks. Aan de hand van een depackage (uitladen van de rugzak) overloop ik met elk van de deelnemers of er nog zaken ontbreken of teveel lijken. Er worden nog wat gadgets en fleeces weggestopt zodat die niet mee moeten op tocht. We overlopen ook de 3×3 die ze op voorhand hebben ingevuld: wat waren de weersvoorspellingen en hoe zijn die nu? hoe zat het met de conditie van de deelnemers op het module 2-weekend en hoe is het er nu mee gesteld?… Na een fijne avond samen waarbij we nog even het programma overlopen zit de sfeer goed. Rugzakken worden opnieuw ingeladen met bivakmateriaal, drinkwater en wat last minute fruit. Iedereen is er klaar voor.
Eindigen aan Laux de Deménon in mineur
Op zondagochtend rijden we met zijn allen naar het andere deel van Chamrousse waar we ons klaarmaken om de télécabines te nemen. Omdat we nog even moeten wachten (ze gaan pas open om 9u15) mag Nick de briefing geven: hoe ziet de planning van de dag eruit, welke route gaan we volgen, waarop moeten we letten qua risico’s… Hij doet dat prima in een mooie mélange van Kempisch en Truiers dialect. Met de cabines gaan we vlot naar de heuveltop om zo een saaie skipiste te vermijden. We krijgen meteen zicht op de omgeving: de Vercors achter ons, de Chartreuse links van ons en rechts de Ecrins. Prachtig gewoon!

Na de obligatoire groepsfoto neemt Nick de kop. Hij zegt welke richting we uit moeten. Eerst gaan we nog even over een breed pad maar snel zitten we op een smal paadje. Regelmatig vraag ik waar we zijn. Niet alleen aan Nick natuurlijk maar ook aan de anderen. Elk van hen moet me 3 argumenten geven om zeker te zijn dat we op de betreffende plek zijn. De ogen gebruiken om rond te kijken, vervolgens de kaart raadplegen en dan de uitleg. Het gaat voor de ene al makkelijker dan de andere maar het lukt hen allemaal. En dat op dag 1!






Zoals steeds (het was al duidelijk op het voorbereidingsmoment tijdens het module 2-weekend in de Ardennen) heeft Gert steeds een grapje of excuus klaar als iets wat meer op een gok lijkt dan een beredeneerde argumentatie. Toch weet ook hij vlot de nodige herkenningspunten aan te duiden. Thibaut, zijn zoon van 18, is er wat vlugger mee weg maar die is zo diplomatisch om het er niet in te wrijven. We stappen wat verder en Nick slaat zijn voet om. Het terrein, ook al is er een duidelijk pad, is niet vergeeflijk. Hij is ongerust. Mits wat extra aandacht voor het zetten van de voeten gaat het om verder te gaan. Enkel bij specifieke bewegingen voelt hij nog wat pijn maar in globo lijkt het een kleine verrekking. We pauzeren aan de Lacs Robert en doen er ons te goed aan de eerste tussendoortjes van de trip. We doen er ook enkele oefeningen rond staptechnieken op losse rotsen en blokkenterrein. Gert neemt vervolgens het voortouw om ons naar een licht uitdagend pad te leiden. We lopen nu op de westelijke flank van het Belledonne massief. Het inwandelen is nu wat voorbij want daar komt alvast de eerste klim. We stijgen over een zigzaggend pad en laten al snel de grasflanken achter ons. Er wordt leutig gepraat. Matti is aan het verbranden en trekt zijn buff over zijn hoofd. Verhalen gaan over de tong, van de toekomst in Zwitserland van Sofie tot … ik was eens-verhalen. We passeren nog heel wat wandelaars. Het is een populair weekend omdat het een verlengd weekend is voor heel wat Fransen omwille van de 14e augustus. We zien helaas ook regelmatig de reddingshelikopter als reactie op ongevallen van wandelaars of klimmers. De helihaven is niet zo ver verwijderd (aan de andere kant van het Belledonnemassief) dus dat geeft wel een beeld van hoeveel er eigenlijk wel niet kan gebeuren op zo’n dag! We stappen even door op een normaal tempo voor gevorderden om te kijken hoe dat gaat. Niet iedereen vindt dit tempo even aangenaam blijkt wat later. Er wordt al eens gehuppeld door de ene en geblazen door de andere. Thibaut schuift uit en verwondt zijn hand een beetje. “’t Is nikske Yanick, dat is maar een kleinigheidje” zegt hij. Later die dag zullen we de wonde uitkuisen en er een niet inklevend verband op leggen. Infecties willen we niet hé.

We komen aan bij het drukke en hete terras van de Refuge de La Pra. Alle tafels en parasolletjes zijn in gebruik. We vullen er onze waterzakken en drinkbussen en genieten ook van een cola of andere versnapering. Nog een uurtje klimmen en dan zijn we bij onze bivakplek. Luc neemt nu de kop en brengt ons vrij vlot door een moeilijker terrein. We moeten grote stappen zetten, af en toe onze handen gebruiken. We zijn bijna aan de col waar we Lac du Petit Doménon zien of Matti roept “Yanick, ik denk dat je snel moet komen”. Net achter de bocht is Luc gevallen. Hij heeft een stevige wonde aan het hoofd maar hij is gelukkig bij bewustzijn. Het is duidelijk dat dit niet op te lossen is met een plakkertje. De wonde is diep en ter grootte van een muntstuk. Helaas geven alle signalen aan dat we Luc moeten laten verzorgen door de nooddiensten. Nick, die ook een opleiding tot Wilderness First Aid volgde, staat me bij om Luc te onderzoeken en te ondersteunen terwijl de rest van de groep op een veilige plek op afstand wacht. Na een korte eerste controle van Luc contacteer ik de nooddiensten. Het is een noodsituatie die eigenlijk sterk overeenkomst met een later in de week geplande simulatie. We hadden het allemaal liever tot een simulatie beperkt. De helikopter arriveert met een ploeg en ze voeren de nodige controles uit bij Luc. Er wordt beslist om hem te evacueren naar een nabij gelegen medische post. Luc zijn rugzak geven we mee. Terwijl de indrukwekkende wieken water van het meer doen opwaaien neemt de helikopter vlot hoogte. Helaas voor Luc is het exit op dag 1.

We bespreken het incident in de groep want zoiets laat wel indrukken na. We objectiveren de situatie, analyseren de feiten, overlopen de procedures die doorlopen werden en kunnen zo tijdens het eten de adrenaline laten zakken. De tentjes worden opgezet en ook ik installeer mijn tarp. Nicks voet is nog niet helemaal de oude maar het lijkt al bij al goed te gaan. We overlopen de route van dag 2 en kruipen vervolgens bij het laatste licht onder de wol.
Gletsjervallei verkennen: van laux de Doménon tot Lac Blanc
Als we wakker worden zijn we niet alleen. Naast de vele tentjes en tarps zijn ook enkele steenbokken rond de tenten aan het kijken naar wat wij met ons team aan het doen zijn op “hun” grasveldje. Rondvraag leert dat niet iedereen goed geslapen heeft maar goed, een nachtje doortrekken blijkt voor enkelen in de groep niet zo moeilijk leren we later. We maken samen een analyse van de route die we willen volgen. Matti loopt voorop en zorgt dat we vlot aan de voet van een puinhelling komen. Er is toch wel wat onzekerheid bij sommigen want die helling ziet er niet zo makkelijk uit. Door een korte briefing over valtechnieken, schuilen voor vallende stenen en een versnapering zijn we uitgerust als we aan de beklimming beginnen. We snijden een onderwerp aan waarover we met meerderen makkelijk kunnen babbelen en plots komt iemand tot de vaststelling dat we al 2/3e van de route omhoog gedaan hebben. “Die helling ziet er erger uit dan ze is” zegt Sofie. Matti, die we toch als onze topatleet mogen beschouwen, weet het tempo aangenaam te houden. Hij houdt een trage maar continue tred aan waardoor alles vlot gaat voor iedereen. Als er even gestopt wordt om met enkele andere Vlamingen te babbelen blijken dat Annelies en Jan te zijn, beiden geëngageerd binnen Hiking Advisor achter de schermen. Ze zijn de GR738 van de Belledonne in de andere richting (Noord naar Zuid) aan het volgen. Ze moeten nog één dag en dan zijn ze klaar. We nemen afscheid en gaan verder onder een brandende zon. Het is smeren en nog eens smeren.







We komen nu aan op de Col de Freydane (2645m). Het is duidelijk: we gaan van elke col een foto nemen: “Als ge niet op de foto staat telt dat niet hé Yanick”. Onze instagramster – die zichzelf sterk weerhoudt van het posten van alle foto’s tijdens de tocht – is goedlachs en mobiliseert iedereen voor de foto. “En nu nen onnozele”… gaat het verder. We pauzeren wat na een kort didactisch momentje en gaan weer verder. We zien de gletsjer Glacier de Freydane, of wat er nog van over schiet. Er lijkt wel nog iets meer sneeuw te liggen voor de gletsjer dan vorig jaar maar het blijft een pover zicht als je ziet hoever de morenen lopen. Boven de gletsjer zien we Croix de Belledonne (2926m). Velen zullen het die dag bewandelen maar wij passen wijselijk gezien de nog stevige afdaling over puin en gruis. Sofie leidt ons rustig maar gestaag naar beneden. Gert twijfelt soms over zijn capaciteiten om steile hellingen af te dalen maar doet het behoorlijk prima. Matti en Thibaut voelen zich thuis in dit terrein. Voor Gert en Nick is het niet zo’n pretje om vlot de voetjes stevig in de wandelrichting te houden. Bijna iedereen gaat wel eens met zijn gat tegen de grond, bedoeld of niet. Gelukkig zijn er deze keer geen breuken, scheuren of serieuze wonden. We nemen onze tijd om rustig af te dalen want “haast en spoed is ook in de bergen niet goed”. Als we bij de rivier komen die vanuit de gletsjer stroomt is het even kijken hoe anderen oversteken. We nemen de tijd om te kijken waarop we kunnen letten en vooral wat we kunnen gebruiken om veilig over te steken. De rivier is gelukkig niet zo groot, breed of diep maar zou wel onze voeten nat kunnen maken. In combinatie met de warmte zou dat later op de dag wel eens blaren kunnen geven aan de voeten. Dat willen we dus vermijden. Ik leg nog wat stenen in de rivier (er liggen er toch genoeg) zodat we een kleinere stap moeten zetten om over te steken. Dat betekent meteen dat we ook minder uit evenwicht zijn. Het gaat voor iedereen vlot, al zet onze verstrooide professor zijn voet toch wat langer in het water. Gelukkig merkt hij het even snel op en stapt hij verder. We spotten een mogelijke bivakzone… maar die kan onderlopen als het regent… niet dus. We gaan verder op de flank van Le Banc des Laux en zitten op ongeveer 2200m hoogte. We krijgen opnieuw zicht op de Chartreuse en enkele kleinere meertjes waarin gezwommen kan worden. Het water blijkt een aangename 20°C… Niet OK voor in de bergen hé!






We besluiten om enkele bivakplekken te claimen want het is nog te vroeg om tenten op te zetten. We genieten wat aan het water om ons te wassen of te zwemmen. Vervolgens wordt er gekookt, gegeten en zijn er nog wat touwtechnieken die op het programma staan, net zoals de obligatoire kruispeiling. Bij het vallen van de avond is het nog warm en kunnen we rustig genieten van de zonsondergang. Met die ondergang komen ook enkele steenbokken kijken of ze beschut tussen de muurtjes kunnen liggen. Ze komen tot op 2m van onze bivakzakken kijken… Matti vraagt zich af of ze ’s nachts niet gewoon over ons zouden lopen… nu ook hij zich aan een overnachting onder blote hemel waagt.






Dead slow van Lac Blanc naar Lac de la Coche
De nacht verloopt goed met toch wel wat wind. Matti heeft keigoed geslapen. Hij heeft dan ook bijna 5000kcal naar binnen gespeeld gisteren (met de nadruk op de avondmaaltijd). Nick heeft ook geslapen onder de blote hemel, welliswaar beschut onder een rots. Zijn nacht was wat minder goed. We ontbijten en maken ons klaar voor vertrek. Natuurlijk moet onze lokale sprinkler nog even naar het WC… Er zijn nog zekerheden in’t leven zou je kunnen zeggen. Thibaut geeft een prima briefing voor de dag en we gaan op pad.


Om iedereen de meerwaarde van markante punten en azimut (kompas ingesteld op specifieke graden om je marsrichting aan te houden) te laten ervaren mag iedereen starten met de info uit het eigen marsplan. Matti merkt al snel op dat hij gewoon de afgrond zou inlopen als hij dat secuur zou volgen. Thibaut, Sofie en Gert zitten wel in de goede richting. We dalen verder en het tempo gaat omhoog. We komen op een kruising en beginnen nu aan de klim naar de Refuge Jean Collet op 1942m hoogte. Terwijl de watervoorraden aangevuld worden koop ik nog even een twix en informeer naar het weer bij de wirt. “Il fait beau, tous les jours” is de reactie. Ze heeft het wel nagevraagd, of ze deed toch alsof ;). Ik kijk toe terwijl de groep een kruispeiling uitvoert. Het is een beetje sadistisch als ik soms vraag “ben je zeker van dat punt” om hen aan het twijfelen te brengen. Maar goed, iedereen heeft de techniek beet en dat is wat telt. Opnieuw gaan we omhoog en opnieuw zorgt Thibaut voor een prima tempo in de categorie dead slow. Zo geraken we vlot op grotere hoogte en al snel komen we schapen tegen… Oei, mogen we daar wel door? Natuurlijk maar dicht aansluitend op een rustig tempo zodat de schapen ruimte krijgen om aan de kant te gaan. We stijgen tot aan de Col de la Mine de Fer op 2400m hoogte. We nuttigen de lunch en als het even kan mag iedereen een UTM-locatie bepalen.




Vervolgens doen we een kleine simulatie om personen te verplaatsen (met de hand, geïmproviseerde draagberrie, brandweermanstijl enz.). Opnieuw mag Matti de groep de weg wijzen. We dalen wat af en gaan dan weer opnieuw over een puinhelling omhoog. We stijgen opnieuw door een vlotte babbel snel tot op onze bestemming: Brèche de Roche Fendue. En ja, opnieuw fotoshoot voor Sofie en haar assistenten… maar dat hoort zo wordt me gezegd. Anders telt dat niet. We dalen wat af na een korte pauze en komen aan een sneeuwveldje. Ik demonstreer kort de valtechniek maar geef ook aan dat niet alles mogelijk is op zo’n kort stukje sneeuw/ijs. Gert oefent als eerste, vervolgens Sofie en Matti. Die laatste en Gert hebben er duidelijk zin in. Nick en Thibaut kijken toe en zien dat het goed gaat.








We gaan verder afdalen en dat zint Nick niet. Dit is niet zijn terrein. Helaas blijkt dit ook als hij plots kop voorop vooruit valt. Gelukkig valt hij niet op zijn hoofd maar helaas kwetst hij zijn pols en onderarm. We pauzeren even en Matti zet een verstevigende kineseotape. We gaan rustig verder maar het is nog lang want het pad gaat over blokkenvelden, door alpenweides en een variatie van de twee. Het tempo daalt drastisch maar gelukkig hebben we lang licht. Als we aankomen rond 20u is duidelijk dat Nick twijfelt over de komende dagen. Er staat een steile helling op het programma. We bespreken even zijn opties en hij belt even met het thuisfront. Hij beslist om er een nachtje over te slapen. In mijn ogen de beste optie. We zuiveren water en zetten de tentjes op. Ik slaap onder de blote hemel en geniet al van de sterren terwijl ik mijn maaltijd kook terwijl de nacht valt. Opnieuw zien we Matti zonder mooite menig kcal binnenspelen en terwijl nog aangeven “ik heb echt nog honger”. Thibaut was het laatste uurtje hangry maar slaagde erin om dat goed te verbergen. Iedereen is blij met het eten en de desserts. Er wordt een massagetrein opgestart maar ik heb nog water te koken… ik hou namelijk niet zo van dat met chloordruppels gezuiverde water. Niet veel later kruip ik ook onder de wol. Het wordt een goede nacht want er is amper wind. Ideaal om cowboystyle onder de blote hemel te slapen.




Fastpacking van Lac de la Coche naar Lac Carré: we kijken niet op een blokkenterrein meer of minder
Ik word wakker en het is duidelijk dat ik goed geslapen heb. De eerste keer dat ik pas wakker wordt om 4u30… wauw! Plots staat Gert langs me. Die heeft duidelijk niet goed geslapen. Hij heeft zich liggen opjagen in de mogelijke diepte van de steile helling die op het programma staat vandaag. Hij is heel de nacht onwel geweest en heeft niet geslapen. Ik laat hem wat foto’s zien van de helling maar het mag niet helpen. Hij is wat verzwakt en ziet het niet zitten om door te gaan. Ook Nick beslist dat het afdalen wordt om op zeker te spelen met zijn pols. We bespreken de analyse en het besluit even in groep om er ook een leerrijk moment van te maken. Nick en Gert zullen samen afdalen naar de Habert d’Aiguebelle. Van daaruit is het een aangenaam karrenspoor naar de bewoonde wereld. We maken praktische afspraken en ik mag met nog slechts 3 deelnemers op stap.
Sofie gaat voorop en leidt Matti, Thibaut en mezelf over de flanken onder de Pas du Pin via de GR 738 naar de crête du Cheval. We pauzeren even aan een beekje. Matti doet trainingstechnieken uit de doeken (zeer interessant – daar moet een workshop voor Hiking Advisor of KBF van komen volgens mij) en de voormiddag raast letterlijk voorbij. We pauzeren nog even voor een snackje aan de Daltonrots en beginnen aan een moeilijk blokkenterrein. Sofie doet dat goed en krijgt de nodige pointers van Thibaut of Matti als het even zoeken is naar de rood-witte markeringen van het GR-pad. Matti’s schoenzool begint te lossen… met enkele consolbandjes (tiewraps of kabelbinders) lossen we dat voorlopig op. Het blijkt te werken.




We ontmoeten halverwege de helling een Fransman die in Brussel woont en met zijn zoon (10) en dochter (13) op pad is voor hun eerste bivaktocht. Een aangenaam gesprek volgt en ik moet mijn kompanen inhalen voor ze aan de einder verdwijnen (in de realiteit: 50m en een grote rots). Ik huppel naar hen toe en we gaan samen in één trek door tot aan de col. Opnieuw graast er een jonge steenbok terwijl Sofie haar colfoto neemt. We maken er een groepsfoto van en lunchen in de warme zon. Matti’s schoenzool is ondertussen meer en meer los. Duct tape to the rescue! We dalen voorzicht af en als het wat vlakker wordt kunnen Matti en Thibaut naar beneden huppelen. Sofie en ik volgen op ons tempo. Plots staan de heren weer stil… schapen… maar waar is de Patou? We kunnen niet anders dan de kudde traag naderen en plots staat hij daar… de patou blaft. We wandelen zeer rustig, nauw aansluitend op elkaar, zonder enige bruuske beweging door de schapen. We laten hen de nodige tijd om aan de kant te gaaan. Net zoals één of andere mozes met een zee.










Als we beneden aankomen doen we meteen een noodsimulatie. Thibaut doet het als de besten: gestructureerd, vlot en gefaseerd. Matti en Sofie hebben reeds wat ervaring met nooddiensten in stedelijke context maar beseffen pas later dat ze in de bergen de enige optie zijn voor hun (in dit geval gesimuleerde) slachtoffer. En dat vergt vlotheid! Als wat later in de oefening plots de naam van het slachtoffer gevraagd wordt… dan gaat alles ineens sneller. We debriefen na de simulatie en wandelen op een vlot tempo langs de meren van Massif D’Allevard, ook wel gekend als les Sept Laux. Het is nog een eindje tot aan de refuge des Sept Laux ou Jacqueline Mathieu. We installeren ons in de zon en zoals zo vaak bij een langere pauze doe ik mijn schoenen en sokken uit. Ik bestel op blote voeten wat drankjes en de lokale tarte de myrtilles. We smullen ervan en kijken hoe een legercompagnie met zware bepakking en lange broeken langs de meren trekt… dat moet warm zijn! We ruimen op, vullen de waterzakken aan en trekken naar onze bivakplek wat verderop. We installeren ons op een eilandje tussen de stuwen van het meer. We hopen opnieuw op een sterrenhemel deze nacht en zetten dus geen tenten op maar leggen alles klaar om onder de blote hemel te liggen.








In afwachting van de valavond gaan we nog wat baden in het meer. De taferelen worden vereeuwigd met de nodige fotoshoots… Ik word vergezeld in mijn kritische blik door een gezapige 50’er: what the **** is going on? Soit, ieder zijn pleziertje. We eten en doen nog wat touwtechnieken in afwachting van de gitzwarte nacht. Als het eindelijk donker is gaan we op pad voor de nachtoriëntatie. Thibaut kijkt er duidelijk naar uit. Sofie is duidelijk wat moe van al dat zware werk aan het water. We lopen op azimut en met koplampjes om te oriënteren. We doen over 50 + 150m meer dan 25minuten. Zo, nu is meteen ook weer duidelijk dat nachtoriëntatie een pak meer tijd vergt. Oefening baart kunst natuurlijk. We staan op een uitkijkpunt maar zien natuurlijk niets meer. We dalen rustig af en merken dat er wolken opzetten. We installeren dan toch maar even de tarp en tent zodat we eventuele regen voor blijven. Thibaut en ik kruipen in ons respectievelijke bed terwijl de massagetrein met 2 (hoe doet ge dat?) rustig verder gaat op de rots langs ons. Ik slaap al snel.
Lac Carré – la Martinette: huppeldepuppel zonder zool
Ik word wakker en merk dat Sofie rustig ligt te knorren langs me. Ik wil rustig opruimen en haal mijn materiaal onder de tarp uit. Terwijl ik iedereen wat later wil wekken en polsen hoe de nacht was regent het plots. Een goede bui maakt heel wat van mijn materiaal nat. Ik kruip terug onder de tarp en ruim op en ontbijt. Sofie ruimt ook op en ontbijt wat later na de bui. Ook Matti en Thibaut zijn klaar voor vertrek. Opnieuw wordt er een record gevestigd. Na “de meeste afvallers ooit”, “het meest eten tijdens een tocht (Matti)”, “het meest naar de WC gaan (ik noem geen naam ;))” slaagt Sofie erin om het record te breden om consequent niet op tijd klaar te zijn… Ach, we zijn het al gewoon. Chillax man zegt een stemmetje bij alle heren in het hoofd. Niet veel later zijn we toch op pad en het gaat vlot. We dalen zonder veel moeite 600m en houden een korte pauze. Onderweg komen de wilde verhalen uit de studententijd van de 3 senioren boven. Thibaut denkt er het zijne van… hij begint binnenkort aan zijn studie TEW in Antwerpen. Maar eerst nog even duiken met de rest van het gezin in Egypte… Genieten dat hij kan, hij is zich niet helemaal bewust dat hij met zijn gat in de boter gevallen is denk ik.






We plakken nog wat duct tape want de schoenzool van Matti is nu helemaal los. Hij laat het niet aan zijn hart komen en daalt verder (vaak al huppelend) af. We lopen nu door een bos, ook wel le Dressoir genaamd. We gaan kijken bij de Cascade de Pissou en lunchen er. Stipt op tijd vertrekken we verder voor de laatste 150m afdalen. We wandelen La Martinette binnen en Thibaut merkt op dat we lang geen asfalt onder de voeten kregen. Het voelt inderdaad wat raar. Natuurlijk wordt er gekozen voor een terrasje. We hebben wel niet zoveel tijd want Jean (we mogen dat zeggen want hij is de lokale taxichauffeur die me nu al 2 jaar op rij komt oppikken) arriveert om 14u. Om 14u zitten we in de taxibus en raast Jean met ons door het landschap (soms letterlijk van de weg). We staan op 1u15 in Chamrousse (dat is 15min. minder dan de GPS oorsponkelijk aangaf!). We nemen de tijd voor een drankje en ook Gert vervoegt ons goedlachse gezelschap. We doen nog even de nabespreking en ik neem afscheid om huiswaarts te keren. Het was een fijne tocht met toch wel vele uitdagingen. Hopelijk lukt het een volgende keer zonder afvallers en gewonden… maar daar ga ik nog enkele nachtjes over slapen.
Praktische info
Kaartenmateriaal
Wij liepen IGN-kaart 1:25.000 met nr. 3335OT Grenoble. De kaart is duidelijk en de belangrijkste paden waaronder de GR en zijn varianten staan erop. De markering onderweg is duidelijk en ook de paden zijn herkenbaar. Wel opletten dat je de laatste kaartversie koopt want jaarlijks past men de routes blijkbaar aan. Twijfel je, dan kan je steeds nog even controleren met een gps.
Overnachten
Overnachten is in de Belledonne makkelijk. Er zijn diverse refuges (bemand) en enkele abri’s (onbemande hutjes). Wij kozen voor een wildbivak die bijna overal is toegestaan in de streek (m.u.v. de zones waar schapen aan de hut verblijven).
Bevoorrading
Bevoorraden kan je beperkt in de refuges en gites. Water kan je vaak vinden aan de meertjes maar het is opletten bij sommige meertjes omdat er veel schapen leven. Wij vulden ons water bij aan de hutten of zuiverden ons water via een filter (lifestraw), druppeltjes Hadex of kookten het. Helaas was er weinig water in de meertjes waardoor we vaak van statisch water gebruik moesten maken. Er is weinig winkelgelegenheid in de bergen. Gas en dergelijke kan je wel inkopen in Grénoble of hoger in het gebergte in Chamrousse waar je diverse buitensportwinkels en enkele supermarktjes kan vinden. In de refuges kan je natuurlijk wel maaltijden en tussendoortjes kopen. Water kan je er gratis bij tanken.