Opleidingsstage rond de Mont Thabor (Frankrijk – augustus 2026)

Na een korte verkenning van de streek in de zomer van 2025 kreeg ik de smaak te pakken voor de regio rond de Mont Thabor. Na wat plannen kwam een nieuwe locatie voor de Cursus tot Zelfstandig Bergwandelen van Hiking Advisor tot stand. Omdat ik dit jaar een initiator in spe mee krijg op tocht (deze moet zijn examen afleggen door een tocht te begeleiden), werd het me makkelijk gemaakt om alle puntjes op de i’s te zetten voor deze tocht. Olivier nam the lead na de eerste 2 modules van deze opleiding en zorgde voor routes, bivakplekken en alle nodige info voor de deelnemers voor de laatste module (3).

Op zondagochtend pik ik Olivier op in Val d’Arc om niet veel later samen een Via Ferrata te doen aan de forten van L’Esseillon. Het zijn prachtige routes, de ene al een pak makkelijker dan de andere. Voor Olivier en mij is het een fijne start van de stageweek om wat bij te praten over de tocht, de deelnemers en wat verdere kennismaking. Na de via ferrata’s in een warme 30°C rijden we naar Valfréjus waar we onze deelnemers in de Gite de Tavernes opwachten. Het is een fijne gite met ruime kamers met basic sanitair. Er is een petanquebaan, een ruim terras en een echte bar. Het is fijn vertoeven. Als Virginie en Manuela toekomen doen we meteen een depackage (het helemaal uitladen van de rugzak) om samen na te gaan of ze niet te veel of te weinig mee hebben. Niet veel later druppelen ook Bruno, Pieter en Wim, Anke en Judith binnen om elk op hun beurt ook de rugzak leeg te kappen op de diverse tafels. In dialoog wordt er wat materiaal of voeding uit de rugzak gelaten. Soms ook een zwaar truweel van bijna 1kg… Wat een mens al niet mee wenst te dragen om op een duurzame wijze naar het toillet te gaan. We eten een lekkere avondmaaltijd, overlopen de 3×3 en de route nog een laatste keer voor we vertrekken op tocht. Ook het weerbericht komt natuurlijk ter sprake. Het ziet ernaar uit dat we elke avond wel eens kans maken op een hitte onweer… rara wat dat zal geven de komende dagen.

Le Lavoir – Lac de Beaureval (10,5km, 1022m stijgen, 614m dalen)

Na een welverdiende nachtrust ontbijten we samen in de gite. We ruimen op en laten wat kledij achter in de hut voor na de tocht. We stappen in de wagens van Virginie en mezelf om enkele kilometers op een halfverharde weg naar Le Lavoir te rijden. We parkeren en gaan op pad. Meteen zet Olivier de deelnemers aan het werk: iemand mag voorop lopen en de weg wijzen. Zo leert men al doende het navigeren en oriënteren in de bergen. We stijgen over een breed pad naar een stuwmeertje en vervolgens gaan we verder op een paadje door de velden. We doen dat traag maar gestaag om zo een tempo aan te houden dat iedereen kan volgen. Het pad en het zeer rustige tempo leiden ons naar de flanken onder de Mines des Sarrazins. We stijgen via een zigzag en wat velden tot aan het rotsige terrein onder de col.

Op de Col de Sarrazins (2884m) houden we halt en doen we enkele oriëntatieoefeningen met kaart en kompas. We zitten heel goed op schema en dalen vlotjes af met zicht op een riviertje vol gipsafzetting. Het ziet er niet smakelijk uit en we zijn blij dat we hier geen water moeten filteren. We dalen verder tot aan de Refuge Des Marches. We tanken water bij en gaan weer op pad. Helaas was “we gaan een beetje verder dan de hut” een breed te interpreteren begrip waardoor enkele deelnemers het stukje na de hut nog te lang vonden. 1,2km verder stappen was niet het einde van de wereld maar met een steile zigzag in de benen was het genoeg voor de dag voor sommigen. Gelukkig spotten we goede bivakplekjes. We installeren ons en Olivier geeft na het avondeten nog een lesmomentje over het filteren van water. De avond valt en we kruipen moe maar voldaan van de eerste stapdag in ons tentje of onder de tarp. Ik lig nog geen 5 minuten of voel iets te veel mieren op me kruipen. Met een koplampje op m’n hoofd verzet ik m’n tarp en verleg ik m’n materiaal. Olivier aanschouwt het rustig vanuit zijn ultralight tarptentje terwijl hij de dag van morgen voorbereidt. Na het heen en weer sleuren kruip ook ik onder de wol en slaap behoorlijk goed.

Lac de Beaureval – Lac du Peyron (8km, 620m stijgen, 493m dalen)

Het is een warme ochtend. We ruimen op, ontbijten en gaan, na een lesmomentje van Olivier over bivakplekken kiezen, op pad. Het tempo zit goed, ondanks her en der wat deelnemers niet al te bien sliepen. Zo’n eerste nacht op hoogte slapen, in de tent die men niet altijd gewoon is… het is niet zoals in je eigen bed liggen natuurlijk. Weer stappen deelnemers voorop om de weg te wijzen. We stijgen nu langs een oude oorslogsshelter (het gebied was grensgebied tussen Italië en Frankrijk en werd na de wereldoorlogen uiteindelijk eigendom van Frankrijk), lac des Battaillières en komen zo vrij vlot op de col des Batallières (2787m). We eten een tussendoortje en oefenen bij een stevige wind op een kruispeiling terwijl we ook genieten van het machtige uitzicht vanop deze col. Na de oefening met kaart en kompas dalen we wat af tot aan de lager gelegen meertjes waar we lunchen. We simuleren er een noodoefening waarbij verplaatsingstechnieken van het slachtoffer geoefend worden.

We dalen af langs nog enkele meren en er wordt lustig feedback gegeven op de kaatstechnieken van enkele trailrunners die aan Lac Rond steentjes proberen ketsen over het water. Pieter is een master of arts in deze discipline. We gaan verder tot aan de Refuge de Mont Thabor. Tot ieders verbazing stappen we de hut binnen om daar een UTM-oefening uit te oefenen en ook het huttenleven te leren kennen. We eten er enkele lokale lekkernijen en ja, plots regent het buiten. Iedereen is blij dat wij al binnen zitten als ineens heel het terras een plekje in de hut zoekt. We besluiten niet veel later, bij het vallen van de laatste druppels, verder op pad te gaan. We trekken onze schoenen terug aan, gespen de rugzakken op en gaan in de warme vochtige lucht op weg naar de col ten zuiden van de hut. We stappen lustig omhoog maar het is puffen met die regenkledij aan. We stoppen op de col en doen wat jassen en regenbroeken uit want de regen is opnieuw verdwenen.

Vlotjes stappen we nu door een koeienweide over een glooiend terrein met prachtige uitzichten op de flanken rondom ons. We zien in de verte, welliswaar in de wolken, de Mont Thabor liggen. We stappen verder en komen in een vlakte vol koeiendrollen. Het is helaas niet veel beter aan het meer dus zetten we, goed zoekend naar een plekje zonder uitwerpselen, onze tentjes op voor de nacht. Water uit de rivier wordt met een bedenkelijke blik gefilterd en gezuiverd met Micropur Forte. We dineren en doen nog een lesmomentje over de Inreach noodbakens. Olivier installeert voor zijn examen ook nog even enkele touwopties zodat ik zijn knoop- en touwtechnieken kan reviewen. Hij doet dat goed, heel goed! De avond valt en we kruipen onder de wol. Rond 23u krijgen we een hevige regenbui van een naburig onweer over ons. Ik zie in enkele tentjes licht aangaan en check of alles ok is. Dat blijkt allemaal in orde te zijn en ook ik trek weer naar dromenland.

Lac du Peyron – infinity pool op 2500m (8,5km, 783m stijgen, 720m dalen)

De ochtend is er eentje met een frisse wind. We zien wat wolken maar ook de zon is van de partij. We ruimen op en vertrekken op pad. Bruno en Pieter nemen nog vlug een duik in het meer. Anderen vullen nog vlug de waterzakken bij. We gaan nu weer omhoog en stijgen over een prachtige flank van Les Chances Du Peyron met scherpe rotsen aan onze noordzijde. We laveren over het plateau naar de col des Méandes (2718m) om dan aan de kruisweg naar de Mont Thabor te beginnen. Niet alleen verandert het karakter van het pad, ook de ondergrond wijzigt naar een stoffig zandpad. We zien her en der nog sneeuw liggen maar op ons pad is er slechts één korte passage. Aan de kapel van de Mont Thabor houden we halt voor een uitleg over de kapel en de naam van de berg. Olivier legt het bevlogen uit en antwoordt op de vragen van onze deelnemers aan de opleiding. Enkele andere Vlamingen willen het verhaal achter de naam van de berg ook horen. Een geboeid publiek dus!

We stijgen nog wat verder en na een fotomomentje op de top lunchen we aan een steencirkel op 3178m hoogte. Het waait amper en de zon is aangenaam. We zien ook enkele mountainbikers op de top. “Zot zijn die” hoor ik enkele keren vallen tijdens de gezellige drukte tijdens de lunchpauze. Na een fijne pauze dalen we af. We vervolgen een route die over een smal pad onder de top doorloopt en komen zo aan de Col de la Chapelle. Het is dringend tijd voor een sanitaire stop en de pauze duurt dan ook wat langer dan gepland. Niet getreurd want het weer valt heel goed mee. Virginie neem de kop over een moeilijk blokkenterrein. Judith neemt na een sneeuwveld, waar we valtechnieken in de sneeuw oefenen, het leiderschap van de kaart over en we dalen zeer traag maar gestaag door enkele puinhellingen.

We pikken in een vlakte dankzij Anke een pad op naar de meertjes waaraan we kunnen bivakkeren. Het meertje Lac des Glaciers blijkt niet ideaal te zijn om errond tentjes op te zetten, het volgende staat bijna droog en heeft een vuilbruine kleur. We trekken dus nog wat verder en komen zo aan een meertje dat wel op een infinity pool lijkt door de afloop die een rechte rand lijkt te hebben. We installeren onze tentjes, eten met uitzicht en genieten nog van een atypische noodsimulatie bij valavond. Zoals elke voorgaande avond ronden we af met een groepsevaluatie van de dag. Olivier doet dat goed: hij luistert en verduidelijkt eventuele zaken met oog op de komende dagtocht. We kruipen onder de wol. Ik doe dat met uitzicht op de vallei.

Over de cols naar Vallon du Diner (9,3km, 680m stijgen, 980m dalen)

Het is een prachtige ochtend. Geen vuiltje aan de lucht dus het zal warm worden. De deelnemers ruimen wat trager op dan verwacht maar om 8u30 zijn we toch op pad. We stijgen onder leiding van Manuela over een zeer complexe puinhelling. Pas later vinden we het pad en dan gaat het plots een pak makkelijker. Er wordt veel geholpen terwijl Bruno, de grappige knuffelbeer van de bende, aangeeft een minder dagje te hebben. Zonder gemor wordt er verder gestapt tot de eerste col: Col de Névache (2793m). Pieter pakt over en leidt de groep over niet gebaand terrein doorheen een stenige woestenij. We slaan af in de juiste richting en komen zo met heel fijne babbels op de col des Nuandes (2828m). Ik praat er met een koppel met kinderen: een Nieuw Zeelandse dame (duidelijk de baas in huis), een Duitse papa en twee kids met elk een flinke rugzak. De mama is overtuigend “they can carry 25% of their bodyweight so… that’s what they are doing”. Het is fijn praten met het koppel over hikingervaringen met kids, Zwitserland (waar ze wonen) en wat de rest van de tocht brengt. De Hiking Advisor groep daalt af en ik haal hen vlug in voor we lunchen aan het beekje van de uitstroom uit het Lac Chardonnet.

Terwijl ik mijn voetjes in het water houd om af te koelen, wordt er naarstig gesmuld van crackers, kaas, worst en wraps met mayonaise. We vullen ook even de waterzakken bij want met de hitte gaat ook het water er vlotjes door. Bruno neemt een powernap en dat doet hem deugd. We stijgen na de lunch weer rustig om dan een noodsimulatie te oefenen. Bruno rust wat terwijl de rest individueel een ernstige oefening doorloopt. Het is fijn om te zien dat iedereen zo zijn best doet om het goede te doen in een noodsituatie die geschetst wordt gedurende een kleine 20min. De leerpunten zijn nu duidelijk voor elk van hen, het belang van bepaalde stappen ook. Het is een les voor het leven, én over het leven. We eten nog iets kleins en gaan weer op pad. We dalen nu af over grashellingen en langs een stroompje. We komen nu in een vlakte waar we, omwille van het vroege uur, nog eerst een doorwading oefenen in een dieper stukje van de beek. Het is fris maar fruitig wordt er heen en weer gestapt met de wandelstok als derde punt om te stabiliseren. Bruno neemt opnieuw wat rust. Humor blijft hij hebben en bij het avonteten weet hij zelfs weer iedereen een lach op het gezicht te toveren. Olivier geeft een les over de klimaatimpact en opnieuw ronden we de dag af met een evaluatie van de dag en vooruitblik op de volgende. De avond valt en de open hemel kondigt een frisse nacht aan. Het waait een beetje maar ik geniet van de sterren vanuit mijn bivakzak. De tarp laat ik vandaag achterwege omdat er geen regen verwacht wordt. Het wordt mijn beste nacht op deze tocht.

Vallon du Diner – Le Lavoir (9,8km, 365m stijgen, 670m dalen)

Het opruimen gaat vlot en we kunnen gelukkig starten in de schaduw. Bruno is ook een pak beter. Een goede nachtrust deed hem goed! Niet veel later zitten we echter in de warmte van de zon te stappen. Gelukkig kiezen we een route tegen de flank van Le Petit Séru waardoor we eigenlijk zo goed als op de hoogtelijn wandelen. We stijgen niet veel later over een single track naar La Grosse Somme (2343m) en nog voor de middag staan we op de col de la Vallée-Etroite (2438m). Dit is een grens tussen 2 regio’s, aangeduidt met een groot kruis. We dalen af en pauzeren op een heuvelrugje in de zon voor een laatste lunchpauze tijdens deze tocht. We dalen verder af over een breed pad en horen regelmatig een auto zich een weg omhoog banen over het stoffige pad.

Plots staan we terug aan de parking bij onze wagens. High Fives gaan door de lucht. “Yes, we did it”. We rijden naar de refuge en de deelnemers drinken en eten er wat terwijl Olivier en ik per deelnemer kort debriefen en advies geven over hun verdere hikingtoekomst. Iedereen heeft dat heel goed gedaan en met oog voor de aandachtspuntjes hebben ze allemaal, op maat van hun ambitie, een mooie hikingtoekomst!

Praktische info

Kaartenmateriaal

Wij liepen IGN-kaart 1:25.000 met nr. 3535OT Névache Mont Thabor. De kaart is duidelijk en de belangrijkste paden waaronder de GR en zijn varianten staan erop. De markering onderweg is vrij duidelijk wanneer het GR-paden betreft. De andere paden zijn minder zichtbaar en vergen wel wat navigatiegevoel en anticiperend vermogen om de weg van de minste weerstand te vinden. Twijfel je, dan kan je steeds nog even controleren met een gps. Ook met Strava kan je zien waar veel gelopen werd, mocht je twijfelen en werken met een gsm.

Overnachten

Overnachten is in de regio makkelijk. Er zijn diverse refuges (bemand). Wij kozen voor een wildbivak die bijna overal is toegestaan in de streek (m.u.v. enkele specifieke zones.

Bevoorrading

Bevoorraden kan je beperkt in de refuges en gites. Water kan je vaak vinden aan de meertjes maar het is opletten bij sommige meertjes omdat er veel koeien leven. Wij vulden ons water bij aan de hutten of zuiverden ons water via een filter (lifestraw), Micropur Forte of kookten het. Er is weinig winkelgelegenheid in de bergen. Gas en dergelijke kan je wel inkopen in Grénoble of Modane waar je diverse winkels en enkele supermarktjes kan vinden. In de refuges kan je natuurlijk wel maaltijden en tussendoortjes kopen. Water kan je er gratis bij tanken.

Plaats een reactie